ER WAS NIETS VOOR ‘T BROOD THUIS
19 sep 2026
In augustus 1930 verbleef een Utrechts echtpaar een paar dagen in Oldenzaal. Op een doordeweekse dag pakte mevrouw haar vulpen en schreef een kaart aan haar huishoudelijke hulp Mej. C. Swaan, wonende te Utrecht aan de Haverland 15.
"We komen Maandag 25 Aug weer in U. omstreeks vijf uur. Wil jij dan zoo goed zijn om zes uur te komen, om dat er niets voor ‘t brood thuis is ?” De kaart was een vooraankondiging. De schrijfster stuurde die ruim vóór thuiskomst zodat er genoeg tijd was om boodschappen te doen. Ze wilde niet thuiskomen om de hond in de pot te vinden.
Ze voegde er aan toe: “Hartelijke groeten aan je huisgenooten, ook van Mijnheer”.
De poststempel van Oldenzaal was nog nat. Over een paar dagen zouden ze weer thuis zijn. En als het goed was, stond er dan rond zessen met hulp van Cato Swaan een heerlijk brood met vers beleg op tafel.
Kennelijk was in 1930 een goed belegde boterham bij thuiskomst in Utrecht best belangrijk.
PS>> foto te zien op de facebookpagina van Oud Oldenzaal (met dank). Minder weergeven
